“Oh lord seems, the best is yet to come”, kweelt Joost Zwegers van Novastar me toe.
“Ah ja?”, vraag ik verrast. Ik ruk zijn micro uit zijn handen net als hij de volgende zin wil inzetten en grijp ‘m bij de arm. “Kom en zet u ne keer hier naast mij in de zetel, gij.”
Hij ziet mijn bui al hangen en kijkt me verwonderd aan. “Maar ‘t is toch zo?”, begint hij, “Je moet blijven geloven in de toekomst, dat de beste dingen je zeker zullen overkomen.”
“Weet ge dat het mij allemaal zo erg niet meer interesseert”, antwoord ik. “Ik zit in een I couldn’t give a fuck-fase. Heb je dat ook al gehad? Zo’n periode waarin je immuun bent geworden voor het andere geslacht? Daar zou je beter eens een liedje over maken. Over gelatenheid en onverschilligheid. Een bijna accepteren van je lot. Dat de liefde voor vandaag niet zal zijn en dat het voor jouw part nooit moet komen. O jawel, Je ziet jezelf graag, je bent overtuigd van je warme en liefdevolle kwaliteiten, je weet dat je het geweldig zou doen. Maar er is niemand die het ziet. Dan maar op je eentje. Snap je?”
Maar hij luisterde al niet meer. Hij stond alweer recht, had de micro vanachter het kussen gepeuterd en was weer beginnen zingen: “Takes a lot of time to see you need less to become more.”


Uw mening