Lentesneeuw

Watch. Learn. Live.

27 en hopeloos – slot juli 19, 2008

Gearchiveerd onder: kortverhaal — lentesneeuw @ 10:09 pm
Tags: , ,

Iemand was nieuwsgierig naast haar raampje komen staan. Ze draaide haar hoofd langzaam richting schim. Het was Apu. Er zat iets in zijn linkerhand, maar door het duister kon ze niet goed zien wat. Hij tikte op haar raam. Ze knipperde bij elke tik en begon wat onwennig naar de passagierszetel over te hellen. Wat wilde hij dan?

“Mefrouw, niet bang sijn!” klonk het gedempt door het raam. “Ik heb aansteker foor jouw! Gratis!”

Ze keek hem nu wat langer aan. De immer lachende man. Natuurlijk… kon ze ooit kwaad vermoeden? Toch opende ze het raam maar met een kier. “Bedankt… euhm… Madan. Ik ging net vertrekken.”
Hij stak een rode aansteker doorheen de gleuf, die zij op haar beurt snel aannam. “Goed dan”, lachte ze slapjes. “Tot een volgende keer hé!”

Hij bleef nog even staan en zwaaide wat schaapachtig, terwijl zij met haar Fiësta de straat opdraaide. Ocharme… dan ook nog het slachtoffer zijn van maatschappelijke vooroordelen.

Warme lucht op haar blote tenen, Novastar op de achtergrond en rustgevende witte strepen op straat. Eindelijk kon ze haar sigaret opsteken. Een sigaret omwille van een sms… van hem. Hoe het met haar ging. Wat kon ze antwoorden? Goed, want het ging wel goed. Ze had een goede job, ze verkeerde in goede gezondheid, ze had een goed dak boven haar hoofd. Alles was goed. Gewoon “goed”. “Gewoon” goed… dat wel. Maar daarop stuurde hij wellicht niet aan. Hoe ging het met haar en haar gevoelens, haar gedachten? En als we het wat verder mogen drijven: gedachten over hem, over “ons”? Neen, nu was ze werkelijk een veel te grote bel aan het blazen.

Ze stak haar sigaret even door het raam, waardoor het reepje as werd weggeblazen in de nacht. Haar asbakje gebruikte ze alleen maar voor kleingeld. Maar dit had niet echt voorkomen dat haar auto vanbinnen naar tabak rook. Kon haar niet schelen. Was tenslotte haar auto en haar slechte gewoonte.

Nog zoiets wat op zijn minst vervelend te noemen was tijdens haar actieve datingperiode. De mannelijke smokebusters. God, wat had ze zich geërgerd aan hun priemende blikken toen ze te horen kregen dat ze rookte. Alsof ze daarmee –op Bush na dan- de grootste crimineel was op aarde. Het onderwerp kinderen werd meestal ook snel daarna op tafel gegooid. De vrouw moet immers zorgen voor gezonde baby’s. Zij zal tijdens de zwangerschap niet roken of drinken, geen rood vlees of schimmelkaas eten en zich onthouden van zware inspanningen. Zij mag alleen maar zwanger zijn. Juist ja.

Ze wist als geen ander wat het was om zwanger te zijn. Ze wist het al. Toen was ze terstond gestopt met roken zonder enig probleem. Van de overige dingen hoefden ze toch niet zo’n drama te maken. Wacht maar tot de vliezen breken.

Tien voor één, vertelden de blauwe cijfers haar. Ze was bijna thuis en zag dat ze nog een laatste trek uit haar sigaret kon persen. Papier verteert. Dat rekende ze dus niet tot zwerfvuil. Ze opende haar raam wat verder, zoals ze altijd deed en gooide het peukje met een zwaai naar buiten. Maar ze voelde de hete asbol langs haar arm weer naar binnen waaien.

“Fuck!” Het rolde nu onder haar bil en ze voelde een stukje vel schroeien. “Fuck!”

Ze probeerde zichzelf op te heffen, zo hoog haar stuur dat toeliet. Ogen op de schoot gericht.

Waar is het nu? Tastend met de handen.

Ogen op de baan. De schoot. De baan. Lichten. Iemand trompte nog.

Gesuis.
Madan.
Lijstje.
Begrafenis.
Hij.
Stilte.

 

Beestjes juli 19, 2008

Gearchiveerd onder: same old same old — lentesneeuw @ 3:34 pm
Tags: , , , , ,

Kan het toch niet laten. Hebben jullie enig idee wat het is voor mij om zo eens enkele dagen niet “gewoon” te kunnen bloggen?

Beestjes, I tell you! Ze kriebelen overal en prutsen aan m’n hele lijf, trekken aan mijn oor en friemelen in mijn haar. “Heeey”, roepen ze ongeduldig, “vertel eens over de voorbije dagen, jong. Er is alweer een massa gebeurd en jij met je principe dat er niets, maar dan ook niets je kortverhaal mag verstoren. Pfff!”

So here I am. Zwak is de verteller in mij. Non-fictie deze keer.

Net voor het weekend had ik een “gathering”. Ja, dat is niet hetzelfde als een “date” hé. Ik was trouwens gestopt met daten *kijkt eens zwaar fronsend naar zichzelf*. Een gathering dus. Maar wel met heel charmant en waardevol gezelschap. Het werd een gezellige keuveling langs de Gentse tentjes en podia, waar allerlei spierenbundels af en aan liepen met frigo’s, panelen, toeters en bellen. Enkele terrasjes tussenin, waarbij de entourage gniffelend gekeurd werd. Een smakelijk etentje met een nog onvolleerde garçon die de slappe lach kreeg bij het aanbieden van de kaart. Was mijn hair in de wair of zo?

Aaneensluitend een filmpje: Wanted! Missy Mystic had overschot van gelijk. Wat een klapper van formaat zeg! De special effects zijn zo zwaar overdreven dat je constant met een “woooow, dat is erover”-gevoel zit. En dat is net wat het zo super maakt. Matrixachtige toestanden. Maar daarnaast ook een degelijk underdog-wordt-hero verhaal (ik zou zwaar kunnen vallen voor dergelijke gasten!) en grappige scènes die het geheel compleet maken. Wat zeg ik? Die een cinema-ervaring meer dan de moeite waard maakt!

Zo goed zelfs, dat ik de dag erna nóg eens ben geweest. Zot? Maar neen. Deze meneer deed eergisteren al een oproep naar een meid met pit. Hij wilde Wanted zien. Informatieverstrekkend als ik ben, vertel ik dat het echt de moeite waard is. Maar nu, de meneer had eigenlijk wel een aanlokkelijk aanbod op zijn site geplaatst: een volledig avondje uit (etentje, drankje, filmpje) op zijn kosten!

Dit keer waren het de avontuurlijke beestjes die aan mijn oor kwamen gekropen. “Psst. Wat zit je anders te doen op een vrijdagavond? Je wordt getrakteerd én je mag genieten van de leuke kant van het leven.” “Mja”, zeg ik twijfelend, “maar dat zou dan wel een date zijn hé.” “Maar baneen. Je deinst er toch niet voor terug om duidelijk je grenzen te stellen zeker?” “Da’s waar”, antwoord ik.

En zo gebeurde het dat ik twee dagen op rij in dezelfde cinemazaal zat, zelfs bijna op dezelfde zeteltjes, maar dat ik even geboeid de film zat te volgen en zelfs de tweede keer nóg spastisch verschoot bij een spannend moment.

Wat zal ik vanavond eens doen? :o )

 

27 en hopeloos – deel 3 juli 19, 2008

Gearchiveerd onder: kortverhaal — lentesneeuw @ 3:38 am
Tags: , ,

Ze was er. Op de parking van Apu, de vriendelijke Indiër. Apu was niet zijn echte naam. Zij was het die hem stiekem zo had gedoopt, omwille van de gelijkenis. Bovendien was het veel makkelijker te zeggen “Ik ben bij Apu” dan “Ik ben naar de nachtwinkel in ’t centrum” Ook persoonlijker, vond ze, want Apu droeg de eeuwige glimlach. De man werkte hard en verdiende zeker wel enige sympathie van zijn klanten. Ze moest maar eens zijn echte naam vragen.

“Goewenavond.” lachte hij vanachter het snoeprek en wandelde tegelijk met haar naar de kassa. “Goedenavond…” glimlachte ze terug. Bijna had ze Apu gezegd, maar flapte het er net niet uit.
“Eén pakje graag van je-weet-wel.” Apu kende haar merk maar al te goed. Ze stond hier zo goed als elke avond. Hij had haar al in alle mogelijke tenues gezien. Op haar luie zondagse sloffen, in haar woensdagse sportoutfit, of in haar stijlvolle zwarte kleedje, klaar voor het nachtleven op zaterdag. Toen had hij er zelfs een “wauw” uitgestameld met een zekere fonkel in de ogen.

“Fijf euro feertig asteblieft.” Ze probeerde te passen, want dat had hij om de één of andere reden graag.

“Zeg”, begon ze, “hoe heet jij eigenlijk?” Ze stak het pakje ondertussen weg in haar tas. De vraag kwam blijkbaar onverwachts. Ofwel was hij de betekenis van de zin nog aan het vatten.

“Jouw… naam?” en ze maakte een gebaar dat eerder leek op een rechthoek dan op een naam. Maar hij snapte het.

“Madan”, zei hij en wees trots naar zichzelf. “Is god van de liefde.” Hij liet zijn wenkbrauwen wiebelen bij het woord liefde. “Madan”, herhaalde ze met een overpeinzende glimlach. “Aangenaam! Ik zal er met liefde eentje roken straks.” Ze knipoogde, bedankte hem en draaide zich om. “Tot siens!”, riep hij.

De god van de liefde, ofte Cupido. Hij zal wel weer zonder pijlen zitten momenteel. Ze slenterde de parking op en haalde haar autosleutel boven. Ze had hoegenaamd geen haast. ’s Nachts leek het altijd alsof de wereld heel even was stilgevallen. Ze snoof de stilte gemoedelijk op en koesterde momenten zoals deze, waarop zij de enige leek die nog wakker was. Welja, zij… en Apu… Madan. Tot morgen, dacht ze en stak de sleutel in het contact. Voor mij blijf je sowieso Apu.

Net wanneer ze de auto wilde starten, klonk een biep-biep uit haar tas. Wat krijgen we nu? Het leeft!

hey jij daar! Hoe gaat het met jou? x

O jee. “Hij”. En zo laat nog? Niet van zijn gewoonte… Een sms op zich was al ongewoon. Ze twijfelde of ze iets zou terugsturen. Maar ze moest sterk zijn. Hoe duidelijk was het niet geworden dat hij en zij, dat een “ons” niet zou lukken. Ik slaap, dacht ze. Ik sliep en had het niet gehoord. Zorgen voor morgen. Ze was nu wel toe aan die fameuze liefdessigaret.

Maar nu pas merkte ze dat ze niet alleen was. Ze schrok zich te pletter bij het zien van een donker gestalte en duwde in een reflex op de knop van de centrale vergrendeling.

 

 
Follow

Get every new post delivered to your Inbox.