Zaaaaaaaaalig hilarisch gewoon!

Hoewel de échte vertrekdatum hier supergeheim dient te blijven, kan ik wel verklappen dat ik al bezig ben met de voorbereidingen van onze reis. En als je weet dat ik voor een simpele barbecue al van twee weken tevoren loop uit te dokteren wat, hoe, waar en hoeveel worsten precies, dan heeft raden naar de juiste datum dus totáál geen zin (in het geval dat jullie daar überhaupt meer dan 10 seconden zouden over willen nadenken).
Voorbereiden dus. Mijn plangenen beginnen al te juichen, want wát hoort onvermijdelijk bij “voorbereiden à la Lentesneeuw”? Juist ja, LIJSTJES maken! Ik heb lijstjes voor -uiteraard- de boodschappen, lijstjes voor de planning van de dag, de maand, het jaar, lijstjes voor de to do/buy stuff op langere termijn, heck, ik hou zelfs een lijstje bij van al de voorgenoemde lijstjes.
Heerlijk vind ik het om de items te kunnen afvinken, waarna ik zelfvoldaan met de bic in mijn mond het aantal vinkjes tot dan toe tel. Neen, ik turf nog net niet. Wat ik wel doe, is de boodschappen in de volgorde van de winkelrekken zetten of de klusjes met propere kleren vóór die met vuile kleren. Eerst bellen, dan mailen en daarna de facturen betalen.
Beetje goofy? Bwoah, ik ga alleen maar een klein beetje uit mijn dak als ik onverwachts nog iets moet bijlijsten en mijn briefje te klein is geworden, zodanig dat ik het betreffende item tussen twee andere items moet wringen, waardoor de bladspiegel helemaal naar de knoppen is (als dat zo drie keer voorvalt op hetzelfde lijstje, dan schrijf ik het uit pure frustratie over). Of, zoals nu het geval is, de Colruyt is heropend en de winkelrekken staan helemaal niet meer waar ze moeten staan! Paniek op het lijstje, want waar schrijf ik nu wat? Ik haat het als ik weer helemaal naar voren moet crossen, tegen de mottige stroom winkelkarren in, om nog dat ene pak koffiepads te halen. Maar geen zorgen, nog een paar keer winkelen en het nieuwe grondplan is miiiine, I tell ya.
Oké, toch wel goofy, I admit.
Maar goed, lieve lezers die wellicht ook wel met één of andere rare trek zijn geboren, welke lijstjes heeft Lentesneeuw vandaag in het licht van de nakende reis alreeds geproduceerd?
LIJSTJE #1
LIJSTJE #2
Ik was aan het dagdromen over wat ik hier zou kunnen schrijven. Aan het bedenken wat hier zou kunnen staan. Ik wilde mezelf uitdrukken. Het liefst met woorden, omdat ik dat zo graag doe. Of een verhaaltje vertellen in geuren en kleuren…
Oh, wat vermaak ik mezelf graag. Ik vind altijd wel iets om me mee bezig te houden en anderen vinden dat zelfs hilarisch. Oh, wat ben en blijf ik toch snel gelukkig. Het leven is één groot feest!
En het blijkt nog bewezen ook!
Your Gift is Imagination |
![]() You are constantly dreaming. You are always thinking about what could be. You love to express yourself in many ways. You have a way with words and tell vivid stories. You love to be amused. You are good entertaining yourself, and other people find you hilarious. You’re the type of person who finds staying happy easy. There’s always fun to be had! |
Op aanvraag van en omdat ik er zelf ook graag een paar woordekens aan kwijt wil: U2 en zijn 360-gradenshow.
Voor mij de allereerste keer dat ik deze wereldband in een stadion zou te zien krijgen. Voor Zoetie -ja, hij is fan- de zevende maal. Onderweg naar Amsterdam zit hij dan ook mijn verwachtingen de stratosfeer in te jagen met verhalen over wervelend spektakel, zinderend stemgeluid en een nooit eerder beleefde sfeer. Hm. Sounds like fun. Maar de eeuwige criticaster in mij houdt het hoofd nog wat koel en zal zelf wel uitmaken wat ze ervan vindt. Live concerten, er is zoveel dat tegelijk juist moet lopen, wil het een succes zijn.
Wij Belgen zijn vooruitziend, of sommigen toch, en we arriveren netjes vier uur van tevoren in de parkingdungeons van de kolossale ArenA. Je “parkingticket voor evenementen” van tevoren betalen lijkt een goed idee om achteraf fileleed aan de automaten te vermijden. Hebben we dat al in België, trouwens? Wordt het dan niet eens dringend tijd?
Door elke luidspreker rondom het stadion klinkt U2-muziek. De rij -of liever wanordelijke horde- mensen met ticket voor het middenplein staan, hangen of liggen te wachten tussen dranghekkens tot de deuren openen. En dat doen ze zo te zien al láng. Een uitgelaten maar gezellige sfeer.
Wij hebben ondertussen ‘het bevriende koppel’ gevonden en vliegen samen in de Heineken. Bier is nooit mijn favoriet geweest, maar bij gebrek aan Kriek en mazout giet ik het bittere vocht vlot naar binnen. Het is laf weer. En we hebben dorst. En mijn vertrouwde cola-light is op dit moment “plooien”, geef toe.
Nooit gedacht dat Heineken zo straf was, eerlijk gezegd. Dat de man van het andere koppel dit ook vond, stelde mijn ego gerust. De rest besloot dat het dringend tijd werd voor eten. “Mijn hoogtepunt bij alle evenementen!”, lalde ik luid. En Zoetie gaf me een vuile blik die iets weg had van cultuurbarbaar.
Al even barbaars was de “supersaté met patat” die we daarna op een fatsoenlijke manier probeerden naar binnen te krijgen. De Hollandse “satésaus” (warme pindakaasbrij) was echt niet te vreten. Zoetie hield er een niet zo apetijtelijk uitziende satésaustepel aan over. Don’t ask.
En toen werd het tijd om onze -praise the lord- zitplaatsen te gaan zoeken. In déze toestand en warmte tussen díe middenmeute gaan staan, dat zou echt niet goed geweest zijn voor m’n evenwichtsorgaan. Restte ons nog één vraag: waar waren de tickets van het bevriende koppel nu gebleven?
Terwijl zij beteuterd op hun stappen terugkeerden en dat een hele tijd bleven doen, besloten wij niet langer meer op hen te wachten bij die eerste paal aan de ingang van Noord B in dit warmteonweder. Zonder tegensms noch schuldgevoel stapten we dapper door de security richting vak 112.
Dat waren nogal een stel uitgelezen zitjes die het bevriende koppel voor ons had losgepeuterd! Zo vlak achter het podium! En met een 360° tour komt dat natuurlijk wel effkes goed uit!
“Any word from them yet?” “Nope”, zei Zoetie. En we keken verder naar Snow Patrol, die het beste van zichzelf stonden te geven. Toen al had ik een onwennig gevoel aan de oren en ik zei dat ook: “Zoetie, mijn oren doen zeer.” Maar Zoetie repliceerde dat het nogal wiedes was bij een concert: “Toch geen ouwe zaag aan ‘t worden zeker?”
Nadat Snow Patrol met veel gejuich het podium had verlaten, vond mijn ego het welletjes. Mijn verstandig lief ging wel even ne cola halen en bracht, zowaar, het verloren gewaande koppel mee. “Allez zeg, tussen de t-shirten die je had gekocht? Komt dat tegen! Snowpatrol? Zeer goed!”
Om half tien -de winnaar van deze weddenschap kreeg een pint cadeau!- doven dan eindelijk de lichten en wordt de waarde van het grootse alienachtige podium duidelijk. Bono and his posse have arrived! Zitten wordt staan, één voet in de maat, daarna twee, handen in de lucht, konten van links naar rechts. O ja, het merendeel van de songs kunnen we meeschreeuwen en het podium geeft nog allerlei snufjes prijs. Al vond ik de laservest van Bono er wel wat over… en het geluid… ik was niet de enige met kommetjes over de oren. Bono’s stem -praat die altijd zo hoog?- verzoop werkelijk in de muziek en dat kan toch nooit de bedoeling geweest zijn?
Voorts een kleine tribute aan The King of Pop en een oproep tot vrede en veel geld voor Aids- en malariapatiënten. Dat U2 zich politiek en sociaal engageert, weten we al langer. Het had wel iets, vond ik, en dit soort intermezzo’s duurden precies lang genoeg om je net niet in een hersenspoelende sekte te wanen. Komaan gast, we hebben al 75 euro betaald voor je muziek. Neem daar dan 5 euro per persoon vanaf en…
Het allerlaatste wat ik over dit uitje kwijt wil, bestrijkt een periode van maar liefst anderhalf uur. Eén uur en dertig minuten. Want zolang duurt het om van je parkeerplaats naar de uitgang van de ArenAk*tparking te geraken, waar, ironie ironie, de slagbomen permanent waren opengezet en dat handige “parkeerticket voor evenementen” dus je reinste geldverspilling blijkt.
Nog eens twee uur later zijn we thuis. Het was zijn geld -en de satésaustepel- wel waard, mij hoor je niet klagen. Maar qua zang, spektakel en amusement hoeven Clouseau en Marco Borsato zeker niet onder te doen. Voila.
O dierbaar België
O heilig land der vaa-aad’ren
Onze ziel en ons hart zijn u gewijd
Aanvaard ons hart en hmm hmm aaaa-dren
hmm hmmmmm hm hm hm hmmmmm
Lalalalaaaalalalalalaaaaaaala
lalalalalalalalalalalaaaaaaaaaa (dum dum dum)
Lalalalalalalalalalalalalalalalalalaaaalalalaa
Voor vooooooorst, voor vrijheid en voor reeeeeeeecht!
Voor vooooooorst, voor vrijheid en voor reeeeeeeecht!
Tatarata!
Dankuwel alstublieft en we sturen nog een kaartje. Vanuit Nederland. Vanuit de Amsterdam Arena. Die gevuld zal zijn met een joelende mensenmassa. Deze avond. Zo rond acht uur. ‘t Is niet voor niets dat mijn hond zaliger de nobele naam Bono droeg.
And a beautiful day it is!
Valt het op? Ik heb eens… nee, ik neem eens de tijd om rond te lummelen. Hier, op het net. Omdat ik graag lees. Mijn boekenkast waar ik o zo trots op ben en die per se in de living moest staan pronken, staat nog vol met ongelezen voer. Maar dat is nog niet half zo interessant als the real stuff. Onnoemelijk veel boeiender zijn andermans levens, gedachten en gevoelens.
U mag gerust weten dat ik graag eens binnensluip in uw leven. Kom piepen door de spleet van het gordijn (want dat is toch wat u wil?). Bij sommigen denk ik er het mijne van en klik ik verder. Bij anderen blijf ik hangen, omdat ze het zo verdomd goed op papier kunnen zetten.
Voor alle WordPressgebruikers: hebt u ooit al eens op dat pijltje uiterst rechts geklikt, naast Blog Info? Dat is een snelle manier om door willekeurige blogs te lanterfanten. Leuk om te doen op een -zonnige, oké, maar winderige- dag als deze. Op zoek naar een paar nieuwe levens.
Maar groot was de ontgoocheling bij het zien van zoveel zever en nitwitterij… Blogs bestaande uit alleen maar een titel, blogs van bedrijven, blogs van freaks allerhande. Hm. Geen enkele “normale” blog. Blogs zoals de uwe en de mijne zijn dus niet zo makkelijk meer te vinden. Bloggers die open en bloot vertellen én die dat doen op een aangename manier zijn eerder schaars.
Aldus mijn bemerking van deze namiddag.
Een dierenvriend? Jazeker. Maar deze boomkwekersdochter is ook opgegroeid op het platteland en weet als geen ander dat er niets in te brengen is tegen de soms meedogenloze wil van moeder natuur. Met het recht van de sterkste tracht de natuur zichzelf in balans te houden. Wie zijn wij om daar een stokje voor te steken… or for that matter… sloten antibiotica, oogzalfjes en neusdruppels?
Onze katjes hebben de niesziekte. We hebben ze in die armtierige staat opgevangen en trachten ze er nu vanaf te helpen. Maar deze ziekte blijkt geen simpele verkoudheid… Na wat googlen blijkt het een hardnekkig virus te zijn, waar antbiotica dus geen sikkepit aan verhelpen. Ze krijgen het wel, zij het dan om bijkomende infecties te bestrijden.
De dagelijkse worsteling om die pil welgemikt in hun keelgat te droppen duurt daarmee voort. Goed wetende dat hun opgezwollen oogjes en reutelende neusjes daarmee niet zullen genezen. We verzachten deze ongemakken wel door zalf en druppels, die ook niet zonder slag of stoot in het betreffende oog of neusgat belanden.
Maar voor de rest moeten de katjes het dus zelf doen. Zelf genoeg resistentie opbouwen om het virus uit hun pluizige lijfjes te krijgen. Een paar dagen leken ze dat verbluffend goed te doen, aangesterkt, speels, helder… om vandaag weer allebei met één oog dichtgeëtterd en het derde ooglid freakily ver heen wakker te worden. Ze liggen weer stilletjes in hun mandje om regelmatig opgeschrikt te worden door hun eigen genies.
Kijk, dan moet je als baasje weten dat ‘ocharme’ niet helpt en dat je je hoofd dient te buigen voor de natuur. O jawel, ik heb direct onze dierenartse gebeld. Nog een échte, weetjewel. Een robuuste vrouw die, net zoals ik, zware bedenkingen heeft bij het horen van de nieuwste trend “chemotherapie voor huisdieren”. Ze zei zelf dat we nu niet al te zot veel geld moesten uitgeven aan allerhande medicatie en dat tijd raad zou brengen. Nog één kuurtje antibiotica (“misschien eens een andere soort proberen…”), maar verder moeten we het lot laten beslissen.
Ze hebben alleszins al goed gegeten deze middag.
…zit een reisje naar bliep(*) Turkije! In het all-in hotel bliep(*) dat door 91% van de recenserende zonnekloppers als “excellent” wordt beschouwd en dat momenteel door Neckermann in een aantrekkelijke lastminutemodus werd gezet.
Daarmee is de kogel door de kerk. Daarmee is het palaveren voorbij -’Jamaar, zijn er glijbanen? Zijn er namiddagsnacks? Zijn de dranken inbegrepen, ook na middernacht?’-. Jaaaaaaja. Alles lijkt tip top.
En wijle weg. Volgende bliep(*). Voor bliep(*) nachten. We doen wij da nie slecht
Why do they always have to be right?
Ze zeggen wel eens dat ik veeleisend ben. Niet zomaar “veel eisen”, neen, ik ben gulzig, wil alles en dan wel meteen. Daarbij wen ik redelijk snel aan het gegevene, zodat ik altijd maar meer en beter wil. Plus, het moet gebeuren zoals ik het mij had voorgesteld. Om kort te gaan, ik ben “nooit content”. Dat zeggen ze wel eens over mij.
Nu kan ik mij best wel verplaatsen in hun schoenen, mezelf bezig zien en horen vanuit hun standpunt. En ik beaam. Ik ben moeilijk tevreden te stellen. Ik sta regelmatig stil bij m’n eigen gedrag. Dat is dan toch positief, vind ik. Maar denken en voelen zijn twee verschillende dingen.
Ookal besef ik dat ik weer eens teveel in sprookjestermen aan het denken ben, ik blijf toch een soort gemis ervaren. Een gemis aan… ik kan het niet echt benoemen. Aandacht is het eerste wat in me opkomt. Al krijg ik dat wel. Maar misschien niet genoeg? Of niet op de manier die ik me had voorgesteld? Die dag, dat uur, net op dat moment?
Want dat gevoel is geen constante. Gelukkig, ja. Maar wat is dat toch met mij? Ik zoek de reden bij mezelf, maar ik “voel” dat ik het niet anders kan bekijken dan vanuit mijn eigen “gevoel”.
Dan “denk” ik: stop met denken en wees tevreden met wat je hebt.
Uw mening