Lentesneeuw

Watch. Learn. Live.

Beveiligd: Goede avond mevrouw Lentesneeuw maart 16, 2011

Gearchiveerd onder: harttransplantatie — lentesneeuw @ 8:00 am

Dit bericht is beveiligd met een wachtwoord. Geef je wachtwoord om het te lezen:

 

Beveiligd: Elke stap is er één maart 13, 2011

Gearchiveerd onder: harttransplantatie — lentesneeuw @ 10:17 am

Dit bericht is beveiligd met een wachtwoord. Geef je wachtwoord om het te lezen:

 

Beveiligd: En toch! maart 12, 2011

Gearchiveerd onder: harttransplantatie — lentesneeuw @ 12:05 am

Dit bericht is beveiligd met een wachtwoord. Geef je wachtwoord om het te lezen:

 

Beveiligd: De ondraaglijke etc… maart 11, 2011

Gearchiveerd onder: harttransplantatie — lentesneeuw @ 10:32 am

Dit bericht is beveiligd met een wachtwoord. Geef je wachtwoord om het te lezen:

 

Beveiligd: Allez allez, cirrrrculez! maart 10, 2011

Gearchiveerd onder: harttransplantatie — lentesneeuw @ 12:11 pm

Dit bericht is beveiligd met een wachtwoord. Geef je wachtwoord om het te lezen:

 

Hoera, een topic! februari 28, 2011

Gearchiveerd onder: just a thought — lentesneeuw @ 10:19 pm

“Het gaat je goed”, voegde hij er nog aan toe.

Sommige mensen staan toch zo hard te springen om een oordeel te vellen zonder ook maar één jota te beseffen van wat er gaande is. Wie weet werd ik vorige maand wel niet fataal omvergeknald door een bus (cliché, ik weet het) of  zat ik ondertussen al lang vast voor zware criminele feiten waarvan ik hier uiteraard helemaal geen letter had gepiept (dat zou pas ridicuul zijn). Of misschien had Lentesneeuw ondertussen al lang een ándere blog?

Feit blijft dat ik hem dankbaar ben, onze lolsmurf. Het was een korte maar allesomvattende -en tot op heden nog steeds niet gepubliceerde- reactie die me een groot inzicht heeft verschaft  in mijn eigen doen en -vooral dan- laten. Maar wat nog meer is: ik zit ondertussen al mijn tweede alinea neer te pennen op deze blog die ocharme nog met haken en ogen aaneen hangt.

Dus werkelijk bedankt, lolsmurf, om me een topic aan te reiken waarover ik nog pagina’s kan doorlullen met het verstand op nul. Want dat, mijn beste, is wel wat ik kan gebruiken momenteel. Daarom ook kom ik er hier de laatste zes maanden niet meer toe. Wat er precies scheelt, wil ik hier zelfs niet kwijt. Het is te veel, het gaat te diep en ik ben zelfs teruggegaan naar basics: schrijven met de pen in een schriftje.

Dan ligt mijn blog wel even stil, da’s waar. Ik wist niet dat mijn non-activiteit van dien aard was dat lezers zich daarover boos zouden maken. Tiens.

Maar het ging me goed hé. Goh ja… als jij het zegt.

 

Beloftes november 19, 2010

Gearchiveerd onder: Uncategorized — lentesneeuw @ 3:59 pm

Ze vindt de laatste tijd geen nieuwe tijd meer en moest al even hard zoeken naar het knopje om een nieuw bericht te posten.

Ze wilde wel komen melden dat ze haar grote idool vandaag heeft ontmoet, vanalles wilde vragen, maar zich op slag het kneusje voelde en zich beperkte tot een sobere “zou je onze bibboeken willen signeren alsjeblief?”, terwijl ze dacht: “Ze is toch niet echt moeders mooiste.”

En toch…

Kristien, je hebt iets losgemaakt gedomme!

 

Nectarines will never be the same again! augustus 1, 2010

Gearchiveerd onder: Uncategorized — lentesneeuw @ 1:34 am

We horen het gepalaver al van ver komen.

“Alle-heez, zeg het mij dan toch!” smeekt mijn neefje . Acht jaar oud is hij en de jongste van vier broers. Dat hij onderhand wel weet hoe zich te verdedigen, is al lang geen verrassing meer. Dat Alex Agnew nog van hém zou kunnen leren, is een feit. Dat hij veel te veel weet voor zijn leeftijd ondervinden we nu.

Hij loopt samen met zijn broer van twaalf langs het keukenraam, zoals ze elke dag wel een paar keer doen. De straat oversteken en gaan kijken bij mémé en pépé hoeveel koeken er nog zijn, of er nog cola is, of de vakantie daar misschien iets meer te bieden heeft.

“Dag mémé, dag tante!” en ze komen mijn moeder en mij een dikke zoen geven. “Ah, de boys”, zeg ik, “hoe was ‘t op kamp?” De ogen van de kleinste schieten vol deugnieterij en de oudste stamelt er een vlugge “goed” uit. Ze waren druk in gesprek, juist, en ze doen dan ook ongestoord verder terwijl ze samen in één zetel ploffen.

“Gaat ge ‘t mij nu nog zeggen of wat?” vraagt de kleinste en dringt aan met een lichte duw. De oudste kijkt lichtjes gegeneerd doch geamuseerd naar mijn moeder en mij. “Maar nee, niet hier jong!” en dat is het moment waarop ik geïnteresseerd bijval, natuurlijk.

“Wat wil hij weten toch?”

“Hoe de kindjes gemaakt worden.”

Aha. Dé vraag. We beginnen met het activeren van de voorkennis.

“Wat weet je zelf al?” richt ik me tot de kleinste, terwijl de oudste begint te grinniken.

“Dat het zonder condoom moet, want met condoom kunnen er geen kindjes komen.”

“Ah zo. En verder?”

“Awel hé… de piemel moet in de spleet.”

“Hmhm”, bevestig ik. That sums it up quite well en ik wilde het hier ook bij laten. Dat is genoeg informatie voor een achtjarige, toch? Jongens hebben een piemel, meisjes hebben een spleet. Het één in het ander en hopla, kindjes. Easy! Waar maken die ouders zo’n spel van eigenlijk?

“Maar waarvoor dienen de pitten dan?” Het was blijkbaar een prangende vraag.

“De pitten?”

De oudste begint te schaterlachen. “Hij bedoelt de ballen, dat zijn je balletjes, broer!”

“Welja”, en hij wijst triomfantelijk naar onder, “ik denk altijd dat daar nectarinepitten in zitten.”

“Van een nectarine dan nog?”

“Uhu, want dat voelt toch zo? Maar wat doen die daar eigenlijk?”

“Euuh…” Ik stamel. Stamel ik? Damn.

De oudste komt tussenbeide, ontpopt zich tot een educatief verantwoorde broer en begint aan zijn onderwijsleergesprek, wellicht een perfecte kopie van zijn eerste les seksuele voorlichting. Mijn moeder stopt met de was op te vouwen, ik leun aandachtig naar voor.

“Broer, denk eens na. De piemel moet in de spleet. En dan? Wat moet er dan gebeuren om een kindje te maken?”

“De man moet vanboven liggen.”

“Aja?”

“Uhu, want de man moet wel kunnen duwen hé. En als hij vanonder ligt…” hij zakt onderuit in de zetel en zet het tafereel nu overduidelijke visuele kracht bij… “dan gaat dat toch helemaal niet!” Ze gibberen alletwee en ik wissel een glimlach uit met mijn moeder. We laten ze nog even begaan zo.

“Broer, wat gebeurt er dan na het duwen? Wat komt er uit de piemel?”

“Ah, er komt sperma uit.”

“Wat is dat, sperma?”

” ‘k Weet niet.”

“Dat zit dus in je balletjes hé. En dan komt dat sperma in de spleet van de vrouw.”

“Dus zo komt het kindje erin?” Wij bevestigen allemaal. “Dus… elke pit is een kindje? Dus… ik heb twee kindjes zitten daar beneden??”

“Maar nee, broer, allez… zat daar telkens een kindje, dan had ons vake vier ballen gehad!” Ze gieren het uit en moeder vindt het welletjes geweest. Dat is niet iets om mee te lachen en ge ziet waar tv en internet allemaal goed voor zijn.

Ik neem het weer over en vertel -nee, effekes serieus nu, wilt ge ‘t nog weten?- over miljoenen petieterige dikkopjes die rondzwemmen in zijn pitten. Hij lijkt niet echt op zijn gemak dat te horen en kijkt beteuterd naar beneden. En dat is nog maar het halve verhaal moet hij weten.

“Wat zit er dan bij de vrouw in haar buik, denkt ge? Waar al die dikkopjes naartoe zwemmen?” We kwamen tot de kern van de zaak. De apotheose. Nog eventjes vertellen over hoe eitje en dikkopje samensmelten tot een kindje, waarna dat kindje kan beginnen groeien in de buik van de mama en dat zou het zijn. Uitleg compleet.

“Nectarinevlees?”

 

The lone wolf juli 18, 2010

Gearchiveerd onder: Uncategorized — lentesneeuw @ 2:58 pm

Op je eentje door de Gentse straten drentelen en  je laten opslokken door de menigte. Even denken dat je enkel voor een spitburger en Axl Peleman kwam, maar dan opeens viavia tegenkomen en blijven plakken aan het dreupelkot. Eentje is geentje en zin wordt onzin. Vergeten dat je de heren niet al te lang zou ophouden en zie, je bougiet al over het plein met één van hen. Hoe heet je eigenlijk en waar gaan we heen? Maakt niet uit, morgen zijn we het toch vergeten.

Je slaagt er niet meer in om het ding waar geld uit komt te benoemen, maar dat is niet erg, want ze trakteren. Niet te veel meer. Je moet nog rijden. Natuurlijk mag je altijd mee met hen naar huis. Nog een pintje for the lady!

Is er een vriend in de zaal, vraag je aan dat ding waar je mee belt. Jaja, zegt het ding terug, en hij komt je zo meteen weghalen. Tijd voor iets bekends, iets veiligs en vertrouwds. Dag heren van de viavia, een waar genoegen was het wel. Nog eens bellen? Absoluut, zeg je, maar je meent het niet. Zij trouwens ook niet.

Je vliegt in bekende armen en ratelt wat over viaviaheren, dreupels, een ding waar geld uit komt, dringend toe aan water en blij dat hij er is. Waar gaan we heen?

Naar toffe mensen.

 

Ze staan niet zomaar voor je deur mei 30, 2010

Gearchiveerd onder: the L word — lentesneeuw @ 8:37 pm
Tags: , ,

Het beloofde een eenzaam weekend te worden. Oh, wat kan Lentesneeuw zich daar toch enorm in wentelen op de zieligste manier mogelijk. De meest walgelijke ook, want dan heeft ze geen zin om uit haar slaapkleed te stappen, zich te wassen, gezond te eten of de goedgemutste vriendin uit te hangen. Zij, haar werk en de klok die tikt. Dat en niets anders, ocharme, is ze niet te beklagen! Zeker niet ingaan op de uitnodigingen van vrienden die haar wat fut en fun proberen aan te smeren, want ze zou er eens vrolijk van moeten worden zeg. Neen, laat haar met rust. Laat haar alleen. Ze is even bezig met de sloor uit te hangen. Alright?

Tot ze vaststelt dat ze toch nog eerst naar winkel moet voor haar snode comfortfoodplannen die avond. Dan wast ze zich toch, trekt deftige kleren aan en zet haar lachmasker op. Een half uurtje dan, maar ook niet langer.

Terug thuis zwiert ze een vel deeg in de bakvorm, versiert het (zo staat het immers in het kookboek) met broccoliroosjes en zalmdobbelsteentjes, klutst ei, room en kruidenkaas dooreen en giet het over het versiersel. In gedachten al bij het potje bananasplitijs van 250 ml (geduld, kind), onderwijl een glas porto achterover kwakkend en een olijf prikkend. Tom Dice, here I come! Volledig uitgerust met fret, alcool, deken en onwelriekend slaapkleed! Yeah baby.

Zo ligt ze daar een uur later met opgeblazen maag en in zeer onelegante houding haar zaterdagavond door te zwijnen. Tot opeens… dinggg-(ja, ze heeft zo’n bel die na de ding wat blijft hangen)-dooong. Gevolgd door een gezicht annex zwaaiende hand door het raam waarvan ze de fucking gordijnen was vergeten dicht te trekken. Verdoeme. ‘t Is hij. Die niet meer had geantwoord op haar sms vorige week. Waarvan ze dacht dat hij er een streep had onder getrokken. Miljaar, ze is blij dat ze nog een douche heeft genomen. Maar shit, haar slaapkleed stinkt wel uren in de wind. Verdoeme, moet ze nu zó opendoen, met Betty Boop schommelend op haar borsten en opgezette maag?

Maar hij houdt haar toch al in ‘t oog terwijl ze vanonder haar deken en uit de zetel spartelt… what the heck.

Dat hij mijn tiramisupot komt terugbrengen. Da’s vriendelijk. Of hij soms van haar quiche wil proeven. Da’s al even vriendelijk. Dat ze eerst wel haar peignoir gaat aantrekken (en zich rijkelijk met deo gaat overspuiten, for what it’s worth). Dat ze er toch wel goed uitziet. Ja, en hij ook. Of hij soms iets te drinken wil. Graag. Dat onzen Tom dat wel goed doet. Ja zeg, ze had het al van ver zien aankomen. Dat hij nog moest antwoorden op die sms, maar dat hij niet meer wist wat erin stond. Venten. Hmja. Hoe hij zich voelde, was de vraag. Bwa, dat hij de blauwtjes onderhand wel gewoon is. Dat het haar bedoeling niet was en dat ze er toch ook een beetje van heeft afgezien. En dat er voor de rest niet veel te zeggen valt precies. Hm. Allez dan, een goeie avond verder. Bedankt voor ‘t eten. ‘t Amusement, ja.

Lentesneeuw kan niet ontkennen dat het haar flatteert, glimlacht ze wat later onder de lakens. Met diezelfde gedachte staat ze weer op. Ze wast zich deze keer wel en ze kleedt zich dan nog ook. Ze neemt het biefstuk alvast uit de diepvries zodat het kan ontdooien en racet zich vervolgens aan een efficiënt tempo door haar werk. De beloning is immers niet min: biefstuk met champignonroomsaus én kroketten.

Net als de boter begint te zingen… dinggg-dooong. Heh, verdorie. Hij weer. De motor-ex. Dat hij toch nog eens wil klappen. Dat mijn pan op ‘t vuur staat. Of hij dan mag binnenkomen. Aja, vlug dan. Dat opnieuw proberen totaal geen optie meer is. Dat hij dat maar niet kan geloven. Of die room nu zuur is of niet. Baneen. Dat hij haar maar niet kan lossen. Dat hij dat eens dringend moet doen. Dat hij nog niet gegeten heeft. Dat hij dan mee-eet, aja. Hoeveel kroketten hij moet hebben. Een stuk of zes. Voelt zij dan niets meer voor hem. Neen, dat had ze toch al duizend keer gezegd. Of ze cola-light of limonade wil. Cola-light. Er moet toch een reden zijn waarom ze allebei de juiste maar niet vinden. Maar neen, geen reden. Of hij nog kroketten wil. Neen, hij heeft genoeg. Allez, dan zal hij maar eens voortgaan. En dat hij het in zijn oren knoopt. Dat ze bedankt is voor het lekkere eten en de babbel. Dat hij bedankt is voor de bedanking. Dag dan. Ja, dag.

En zo zit Lentesneeuw op een zondagavond redelijk voldaan. Want eten is toch leuker met twee.

 

 
Follow

Get every new post delivered to your Inbox.