Het ziet er zo stilaan naar uit dat ik op m’n eentje aan de feesttafel zal zitten op oudejaar. In koor: “Oooooooooh!”
Ik vind dat ook wel een beetje. Maar voor ik nu een resem werken van barmhartigheid op mij afgevuurd krijg, wil ik graag even de afgevinkte opties op een rij zetten.
Ik zou mee kunnen gaan met de rest van de familie naar Duitsland. Een frisse wandeling in de ochtend, Glühwein und Bratwurst mit Sauerkraut op de middag en lassen wir ein spiel machen von MB! ‘s avonds. Niet dat ik mijn familie niet graag zie. Niet dat ik er tegenop kijk om knus in een blokhut voor het haardvuur te zitten met hen. Noch dat ik de rol van Marry Poppins tante voor het omvangrijke nageslacht wil ontlopen. Maar vier dagen is simpelweg te veel voor een single madam in de fleur van haar gezonde leven én sowahr in vakantie.
Ik zou kunnen ingaan op de invitatie van een vriend die wanhopig wilde verhinderen dat ik frieten van ‘t frituur zou zitten eten tijdens het aftellen. Ten eerste zouden het tegen dan al lang geen frieten meer zijn, maar eerder een voorverpakt fruitslaatje met misschien -als ik het al te bont wil maken- een toefje slagroom erop. Ten tweede zou ik zelfs niet weten of ‘t frituur wel open is op zo’n avond? Alleszins, de Chinees zal wel open zijn, want voor hen is ‘t nog geen Nieuwjaar en dus een gewone werkdag gelijk een ander (ha!). Maar nee, ik heb zijn aanbod om gezellig met zijn familie te tafelen afgeslagen, omdat ik die familie niet echt zo goed ken. Omdat ik ook geen zin heb om in zijn huiselijke sfeer binnen te dringen.
Natuurlijk heb ik ook vriendinnen, toch wel. Maar ofwel zijn ze niet single, feesten ze thuis en wonen ze een uur verder weg, wat niet zo praktisch is als je dan toch wil terugkeren naar een party in eigen regio. Ofwel zijn ze single, gaan ze wel mee naar diezelfde party, maar eten ze eerst thuis (zie supra).
Ik zou natuurlijk altijd bij Tuur de overbuur kunnen aankloppen. De man die ‘s zomers in zijn marcelleke voor mijn raam komt zwaaien en ‘s winters hetzelfde doet, zij het dan wel met zijnen anorak aan. Altijd paraat om mijn mazoutstoof te kuisen en te klagen over zijn pensioen. Maar dat aaike over mijn knie en dat gezanik over tekort aan seks zijn er een beetje over. Klein beetje maar.
Waardoor er mij nog één optie rest: twee liter ballekessoep maken en twee stokbroden bakken, dit alles vermenigvuldigen en het uitdelen op mijnen hof aan de minder bedeelden, zij het financieel of sociaal. Ik doe het niet voor mij, maar voor mijn eenzaamheid.
Uw mening