[We schrijven 27 juli, de dag dat ik al genoeg had gepost op m'n blog, maar dat ik nóg niet uitgeschreven was...]
Het was reuzebarbecue in ons kleine boerendorpje. Een barbecue voor een jonge vrouw (en moeder van twee) die terminale kanker heeft. Als laatste hulpmiddel had de familie zich een duur apparaat aangeschaft om de ziekte des duivels op alternatieve wijze te bestrijden. Of het zal helpen weten we niet, maar willen we wel aan de toekomst denken? Ronduit vreselijk. En duur. Vandaar dus het mega evenement op ons plaatselijke voetbalterrein.
Ik zit een beetje rond te kijken en mijn buurvrouw te porren met de woorden: “Goh, die is hier ook en kijk, die en die! Amai, wat een opkomst, wat een massaal gebaar!”
Opeens zie ik (oh my god! Is hij dat??) mijn allereerste lief! De jongen met de gitzwarte haardos (in een staartje *smelt*) waarop ik verliefd was geworden toen ik veertien was en die ik heb moeten loslaten op mijn twintigste. Een echte ouderwetse kalverliefde, zeg maar. Ik heb mede dankzij hem een geweldige tienertijd gehad, nooit liefdeloos mijn puberende dagen doorgebracht.
En daar liep hij dan. Een beetje aangekomen, een beetje grijzend aan de slapen al. En zijn huidige lief aan zijn hand. Ik glimlachte toen hij haar middel vastnam om langs de andere kant te lopen. Dat had hij bij mij ook zo vaak gedaan. We spreken nu wel van acht jaar terug en nog veel terugger.
Ik had mijn ex-schoonfamilie ook al gespot en keek geregeld hun richting uit. Zijn mama had me nog steeds graag. Dat leerde ik uit een toevallige en lang uitgelopen ontmoeting aan de videotheek. Zijn veel jongere broer trekt nu op met mijn neefjes. Tja, dat boerendorpje, weetjewel.
Ze kregen me uiteindelijk ook in de gaten en één voor één zwaaiden ze eens vriendelijk terug. Behalve dan zijn lief. Die wist duidelijk van toeten noch blazen. Bij hen aan tafel een klapke gaan doen, vond ik er zelf wel wat over, maar was toch blij ze nog eens allen terug te zien. Ik ben er tenslotte zes jaar lang kind aan huis geweest, heb de broer zowat zien opgroeien van peuter tot jonge tiener en heb het occasionele gekibbel van de ouders van dichtbij meegemaakt.
Het gezin maakte zich klaar om te vertrekken en wandelde de tent uit. Over de schouder van zijn lief keek hij me nog even na en glimlachte welgemeend.
Later die dag kreeg ik het volgende bericht: “Leuk je nog eens in real te zien. Was al lang geleden hé. Je zag er heel goed uit.”
Well well… dacht mijn ego. How about that? En toen begon ik zowaar te zingen:
Maar baneen! Zo was het he-le-maal niet! Het ging zo:
[Lentesneeuw zit momenteel in La Douce France te genieten van een girlpowergevoel. Maar laat gerust een reactie na. Zij heeft dat immers graag en zal reageren van zodra ze kan -en wil.]
Uw mening