Lentesneeuw

Watch. Learn. Live.

Over elastieken en golven mei 25, 2010

Gearchiveerd onder: the L word — lentesneeuw @ 10:14 pm
Tags: , ,

Een vrouw dient dringend te beseffen dat een man gelijk een elastiek is. Het heeft niets te maken met enig andere rekbare toestanden, neen. In den prille beginne zal deze man zich heel goed en “ontspannen” voelen bij zijn pas veroverde. Vol kracht en energie draagt hij haar op handen, doet vooral wat zij graag doet, krijgt dat heel apart gevoel vanbinnen als ze nog maar een scheet laat. Maar wat de vrouw niet beseft, is dat zijn elastiek vanaf dan stilletjes aan begint te rekken, want dat is nu eenmaal het lot van elastieken. Ze rekken uit, nietwaar. De man heeft zodanig veel van zichzelf gegeven dat hij als het ware zijn identiteit verliest. Zoiets trekt tegen en dus distantieert hij zich een beetje van lief en leed, schijnbaar zonder aanwijsbare reden. Vaak weet hij zelf niet waarom hij opeens meer tijd met de vrienden wil doorbrengen of liever van zijn territorium geniet dan mee te gaan met haar (en niet zelden met haar familie) naar een of andere boerenklucht in ‘t dorp. Het fenomeen wordt ook wel eens bestempeld als “in zijn hol kruipen”. Een man kan maar zoveel emoties aan, dames. Allerminst denigrerend bedoeld, heren. Maar goed, elastieken. Ze rekken en rekken verder weg van de wederhelft die zich op haar beurt steeds meer zorgen begint te maken. In het slechtste geval escaleert de boel met een verwijt dat hij haar niet graag ziet en als hij nog maar durft te beweren dat hij dat wel doet, dan toont hij dat precies nog niet goed genoeg. Vlam gaat de deur. En dat, dames, hadden we beter niet gedaan. Want weten jullie wat elastieken nog neigen te doen eens ze volledig zijn uitgerekt? Hmhm: terugspringen met een dubbel en dik overtuigende kracht… right in your own comforting lap! Daarvoor moeten de heren wel eerst even mijlenver verwijderd zitten om te beseffen wat ze zo missen. En om te achterhalen wat wij nu weeral waard zijn. Dus het enige wat wij hoeven te doen is hen laten begaan zonder morren of panikeren. Eventjes zo. Tot ze weer vanzelf de onze zijn.

Het is een mannending, dat op- en afspringen. Een cyclus (ja, ook mannen hebben dat) die zich om de zoveel tijd herhaalt. Wij hoeven er ons alleen maar bij neer te leggen.

Een man dient dringend te beseffen dat een vrouw gelijk een golf is. Het heeft niets te maken met enig andere natte toestanden, baneen. In den prille beginne zal deze vrouw vol liefde en kracht zitten om haar man te vertroetelen en te bewonderen, zelfs al laat hij een glas van 25 euro vallen tijdens de afwas (elke gelijkenis met toestanden bij mijn lezerspubliek berust op louter toeval *kuch*). Ze vindt hem lief en humoristisch en ronduit koddig in alles wat hij doet. Maar wat de man niet beseft, is dat zijn lieftallige op dat moment heel hoog op haar golf aan het razen is en alle stormen met veel gemak weet te omzeilen. Echter, zoals dat veelal gaat met golven, what comes up must eventually come down. Eens haar hoogtepunt bereikt, begint ze aan haar beangstigende tocht naar beneden. Ze voelt zich niet meer zo lekker in haar vel, het wordt haar allemaal eventjes te veel, het huishouden, het werk, de kinderen, hij en zijn libido. In het slechtste geval escaleert de boel met een verwijt dat ze er dan maar iets moet aan doen en dat bleiten niet zal helpen. Baf doet de deur. En dat, heren, had u beter niet gedaan. Want weet u wat golven instinctief plegen te doen? Juist ja: terug omhoog bruisen tot het summum van opgewektheid en liefde weer is bereikt. Daarvoor hebben wij eerst wel een dieptepunt nodig, met kleenex, een romantische film en de ganse zielige reutemeteut. Het enige wat u, in uw machteloos en soms woedend toekijken, kunt doen is uw luisterend oor en troostende armen bieden. Meer niet. Really. De finale boost om de tocht naar boven te hervatten.

Het is een vrouwending, dat op- en afzwalpen. Een cyclus (volledig los van onze menstruele dan nog) die zich om de zoveel tijd herhaalt. U hoeft er zich alleen maar bij neer te leggen.

Nu we deze kennis tot ons hebben genomen, liefste lezers, kan het toch niet meer zo moeilijk zijn. Ga en verenigt u!

 

Alles of niets mei 24, 2010

Gearchiveerd onder: the L word — lentesneeuw @ 9:03 pm
Tags: ,

Toon je interesse, dan geven zij de sporen. Laat je niets meer weten, dan komen ze opeens weer aangestormd op hun ros.

Of is het iets wat in de lucht zit dezer dagen?

Ik zat gisterenmiddag nietsvermoedend op mijn facebookpagina die rijkelijk versierd is met groene bolletjes waar nooit activiteit uit komt, als waren ze sanseveria’s op een aftandse vensterbank met zo’n gecrocheerd lapke stof eronder. Tot opeens… floep… business man vroeg hoe het nog met mij was zie. Amai, dat is nogal lang geleden hé zeg. Jaja, en warm dat het is. Hoe lang ook alweer? Een maand? Allez zeg, moeha, da’s lang.

Tegelijk hoorde ik in de verte een moto afkomen. Mijn trouwe leesfans beginnen nu al de mondhoeken te krullen en iets te brullen als “neeeeje, toch niet weer… ?” Uhu. ‘t Was de ex weer. Dé ex. Al bijna vier jaar. Binnen een jaar zijn we even lang uit elkaar als dat we samen zijn geweest. Als hij me dan komt vragen uit eten te gaan om dat speciale moment te vieren, ik zou gedomme meegaan! Voor zijn onuitputtelijke inzet alleen al. Nu kwam hij evenwel iets anders doen. Hij kwam eens kijken of hij niet stoorde, zei hij. Ik had een kater, zei ik. En hoe het met mij was, vroeg hij. Ik had een kater, antwoordde ik. Allez dan, zei hij, dan kom ik ongelegen. Lichtekes, fluisterde ik met één hand op mijn maag en de andere overdreven voor mijn mond. Hij kroop weer op zijn moto.

En business man sloot af met een “tot binnenkort eens hé”. Of course vent, anything you say.

‘s Avonds zat ik me te bedenken in de zetel dat ik helemaal niemand nodig had om het gezellig te maken. Ik had het goed zo, met mijn katten over me heen gedrapeerd. Tot opeens… bliep-bliep… een sms. Van ene heer waarmee ik in het duistere 2009 één keer had afgesproken en daarna nooit meer wegens te vrouwelijke neigingen. Of ik vrij was die avond? Neen, sms’te ik terug. Ok, antwoordde hij. Ik haat ok-sms’jes, nooit begrepen waarom een mens 12 cent aan twee inhoudloze letters wil hangen. Net zomin als het erin gaat bij mij dat je iemand na zoveel maanden, out of the blue, om 10u ‘s avonds doodleuk vraagt wat hij of zij te doen heeft die avond. Ofwel had hij wreed veel goesting om weg te gaan en vond hij maar niemand. Ofwel had hij wreed veel goesting tout court.

Het werd nacht en het werd ochtend. Dat gaat veelal zo. Het is minder gebruikelijk dat ik me van ‘s morgensvroeg voor mijn boeken neerklets en aan niets anders denk dan aan ‘t werk. Alweer best tevreden, ten eerste met mijn eigen vlijtigheid, ten tweede omdat ik er ondertussen een kleurtje bij vergaarde. Plezant en al. Tot opeens… bliep-bliep… een sms begod. Of ik geen zin had om enen mee te drinken op het terras waar we ergens vorige week ook zaten. Sindsdien heerste er doodse stilte tussen ons, want het was niet zo’n tof gesprek geweest. Ieder zijn ding aan het plaatsen wellicht. Maar kijk, dan toch een bericht, waar ik niet kon op ingaan wegens te veel werk op een zonnige feestdag.

Uit mijn concentratie gerukt nam ik dan maar een pc-pauze. “Business man heeft gereageerd op je status”. Johei. En de gekende stilzwijgende groene bolletjes. Tot er mij opeens weer eentje aansprak en begon over natte zwembroeken, toch wel koud in de schaduw en niet goed voor het mannelijke ego. Ik reageerde verbaasd, want van deze had ik al twee maand niets meer gehoord. Ik kon toch wel tegen een beke zever, zeker? Goh ja. Bwa. Op de vraag of zijn vers verworven vrouwtje hem niet kon verlossen, kreeg ik tot op heden geen antwoord. Maha.

 

Tiramisu mei 14, 2010

Gearchiveerd onder: the L word — lentesneeuw @ 4:17 pm
Tags: ,

En terwijl ik de lange vingers, alsook de topjes van de mijne, liet weken in het net niet te hete koffie-amarettomengsel, bedacht ik mij ineens: “Ne vent is gelijk tiramisu.”

Want wat je eerst en vooral ziet, is een aantrekkelijke laag chocoladepoeder. Alle oneffenheden zijn daarmee gladgestreken tot een schijnbaar egaal bitterzoet oppervlak, maar als je er vanuit een andere hoek naar kijkt, ontwaar je de glooiingen die we allemaal wel bezitten ondertussen. Je vermoedt dat daaronder een luchtige en smeuïge inhoud zit met, oké, hier en daar wat hardere brokjes.

Daarom is het dan ook de kunst om helemaal tot vanonder te scheppen, zodat je die  doorweekte kern zeker mee hebt.

Toen zette ik de ganse zwik in de frigo, kwestie van het deftig te laten opstijven. Tja :)

 

Look who’s talking now april 18, 2010

Gearchiveerd onder: the L word — lentesneeuw @ 10:27 pm
Tags: , ,

Toen belde hij weer… een uur… Business Man.

En ik had nog zo gezegd: géén mannen meer!

 

Zeg eens “aa” april 18, 2010

Gearchiveerd onder: the L word — lentesneeuw @ 7:34 pm
Tags: , ,

Nog één post… en dan zwaag ik erover. Het gaat namelaak over het niet thaas te brengen accent van Saaie Piet. Vanaat maan taalkundige achtergrond vond ik dat hoogst interessant. Klaarblaakelaak spreekt SP de “aa” en de “aa” aat als een “aa”. Met andere woorden, haa diftongeert verkeerdelaak. Het is maa een raadsel vanwaar dat accent komt. Een mens zou paanzen dat het Antwerps is, maar daarvoor gebraakt haa een té nasale klank. In maan zoektocht naar de ware identitaat van deze tongval, botste ik op een aaterst interessant clipje op Youtube. Niet alleen kan je hier de betreffende klank belaasteren, maar men waast ook op de foutieve aatspraak ervan. Best grappig allemaal, maar maan vraag blaaft: aat welke contraaien komt dit nu, aagenlaak faatenlaak?

 

op = op april 18, 2010

Gearchiveerd onder: the L word — lentesneeuw @ 10:31 am
Tags: , ,

Om het eens met de woorden van een vriendin te zeggen die haar zaterdagavond aldus afsloot: “Daarmee zijn onze mannen weer op.” De laatste date afgesloten, geen volgende meer in de rij. We hebben van elke man een dik vet punt gemaakt en beloven elkaar plechtig dat we nu een periode van rust inlassen. “Want we zijn toch nog het meest op ons gemak als we geen mannen rond ons lijf hebben.” “Zeer juist”, beaam ik.

De vakantie is zo goed als ten einde en ik ben sinds een paar dagen weer bezig met voorbereidingen, verbeteringen en cursusmateriaal voor tieners die nog onbezonnen het leven kunnen doorfladderen. Ik word me weer bewust van mijn verantwoordelijkheid voor deze bijna-volwassenen die ik nog steeds oprecht de grote wereld wil inloodsen op een degelijke manier. Langzaam verlegt mijn focus zich van “nu enkel mannen” naar “misschien af en toe eens mannen”.

Ik heb een amusante vakantie gehad. Ook wel een emotievolle, maar dat doe ik alleen maar mezelf aan. Saaie Piet stuurde trouwens the morning after al een mailtje, om te laten weten dat hij twee dagen niet bereikbaar zou zijn omdat hij met zijn ouders en kleine zus naar één of andere tulpenpracht in weetikveelergensinholland zou gaan kijken. 35 jaar. Ouders en zus. Twee dagen. Tussen de bloemen. Enfin.

En dat hij zich de avond ervoor wel had geamuseerd. Ik greep die kans meteen aan om hem -eerlijk als we zijn- mijn idee over de avond en -for that matter- de toekomst te geven. Op een diplomatische manier wel, uiteraard. Waarop ik een bericht terug kreeg dat mijn oordeel toch niet was gevraagd, dat ik precies toch meer datingminded was geweest dan op voorhand gezegd, dat het puur en enkel en alleen ter ontspanning was geweest zonder meer. Euhm. Alrightie then. Ik heb hem nog veel plezier toegewenst met zijn bloemen.

You win some. You lose some. Vandaag is het zondag en het wordt 18 graden buiten (maar niet aan de zee, want daar wordt het maar 13 graden, dus all you suckers out there die dachten eens naar de zee te gaan en voor zo’n onnozel weer in de file willen staan, ik hou jullie niet tegen, mwaha!).

Ik moet werken. Voorbereiden en al. Verantwoordelijkheid. Geen mannen. Nooo sir.

 

Always trust the putteken! april 17, 2010

Gearchiveerd onder: the L word — lentesneeuw @ 3:58 am
Tags: , ,

Wil iemand mij alstublieft tegenhouden, de volgende keer dat ik overweeg om met een op ‘t scherm klaarblijkelijke Saaie Piet te daten?

En wel om de volgende redenen:

  • Neen, gast, een aubergine debardeurke doen we niet meer aan in deze moderne tijden.
  • Ook niet met een aubergine caro hemmeke eronder, al mag het dan van een duur merk zijn.
  • We spreken niet de hele tijd over onszelve.
  • We spreken niet met een bijna Hollands accent, noch spreken wij de “ij” uit zoals Philemon Persez uit De Collega’s (I kid you not!)
  • We zeggen niet dat we met de mama drie weken op reis zijn geweest naar Australië.
  • We leggen niet de hele reisroute door Australië tot in het kleinste detail uit. Newsflash: ik ben er ook een klein half  jaar geweest en ik wéét hoe elke trekpleister eruit ziet.
  • Als mijn vriendinnen toekomen op café en me vragen of ik nog mee wil uitgaan, en ik zeg ja, dan doen wij niet van “ja, ik wil ook wel mee”.
  • We staan ons niet te forceren om te dansen op moderne muziek, zeker niet als ik moet uitleggen waarom ik “hespenrol” roep.
  • We kijken niet met een overdreven gespeelde boze blik naar mij als ik een volgend sigaretje opsteek.
  • We knijpen niet overdreven in mijn nekspieren en rammelen me niet door elkaar, want dat kwam toch wel over als een laatste wanhopige poging om cool te zijn.

Het spijt me ten zeerste, maar dit was er vierkant over. Een lieve en zorgzame mens, daar niet van. Ik heb ook vriendelijk naar zijn verhalen geluisterd. Hij zag er zelfs niet onknap uit. Maar onze werelden liggen zo ver uit elkaar en onze manier van communiceren al zeker. Het mag wel iets hipper, assertiever, humoristischer en soepeler voor mij.

Lentesneeuw heeft een putteken in haar kin en er werd haar ooit verteld dat dit blijk geeft van een zeer accurate mensenkennis.

 

FUBAR april 16, 2010

Gearchiveerd onder: the L word — lentesneeuw @ 4:14 pm
Tags: , ,

Zij die Saving Private Ryan, Band of Brothers, Zodiac of zelfs één van de zovele sequels van American Pie hebben gezien, kennen dit acroniem al. Trouwe fans van NCIS zullen het trouwens ook herkennen.

FUBAR, hetzij Fucked Up Beyond All Recognition

Want dat is hij nu. Business Man. Ocharme. En damn tegelijk. Inderdaad, hij is mijn favoriet en daarom stuurde ik hem gisteren een sms’je om langs mijn neus weg te laten weten dat the girls & me zich ‘s avonds zouden bevinden op een afterwork party. Aangezien hij daar grote fan van is, kon het mijns inziens geen kwaad te melden dat ik daar zou zijn. Daarmee ben ik als traditionele (en ik geef toe, blijven steken in de jaren ’50) vrouw toch eens uit mijn kot gekomen en heb tegelijk laten zien dat ik nog steeds interesse heb in hem. Flink gedaan, niet?

Als antwoord kreeg ik alweer een enthousiaste telefoon terug. Hij zou dat toch eerst met his gang moeten bespreken in hun stamcafé en zou nog iets laten weten. Het hoeft niet gezegd dat ik die avond regelmatig mijn gsm checkte, terwijl ik toch ook lustig opging in de fraaie menigte en broeierige sfeer van het vermomde vleeskeuringsfeestje. Want, laten we eerlijk zijn, veel brave huisvaders vind je op zo’n afterwork niet terug.

Net toen ik de gsm liet voor wat hij was, kreeg ik dan toch bericht dat de heren onderweg waren. Niet mis, aangezien het al middernacht was en binnen een uur de lichten zouden aanschieten -met wellicht vele desillusies tot gevolg. Ik deed prompt een kleine vreugdedans in de toiletten, waar ik mijn haren nog eens schikte en de uitgelopen make-up vakkundig wegveegde.

Maar het weerzien verliep… iets minder blij dan verwacht. Ik weet niet wát er zich heeft afgespeeld in dat stamcafé van hen, maar ik kreeg zo het gevoel dat hij eerder was meegetoornd door de vrienden dan dat hij er zelf met de volle overtuiging stond. Een verontschuldigende lach bijna, toen ik hem vroeg hoe het was. Hij zat erdoor. Ja pf, het werd hem allemaal te veel. Eens goed slapen, alleen zijn, bezinnen. Dat en niets anders wilde hij. Tja… euh. Een pijnlijke stilte en blikken die angstvallig houvast zochten in de verte. Ik had hem zo kunnen kussen, zijn lijf toedekken met het mijne, hem overrompelen met troostende woorden. Hij was alleen geïnteresseerd in de tegel onder hem en hoe hij daar in ‘s hemelsnaam zou kunnen onder verdwijnen. Maar hij kon niet weg, want zijn vriend had ondertussen al zijn aandacht gekwakt op mijn vriendin. Een wel zeer vervelende situatie, indeed.

Dus Business Man wordt None of My Business. Met tegenzin en lede ogen. Al begrijp ik heel goed dat het maar best is zo.

En wat met Saaie Piet? Die zegt zelf uit te kijken naar een gezellige avond. Na mijn nederlaag van gisteren, kon ik hem vandaag melden dat ik deze avond effectief tijd had voor een vrijblijvend babbeltje. Ik kreeg zelfs de eer een cafeetje uit te kiezen waar ik me volledig op mijn gemak zou voelen. Wel lief, ja. Zo klonk hij ook aan telefoon daarnet. Hij merkte nog op dat hij blij was mij enthousiast te horen.

Het zou niet fair zijn, nee. Hij heeft elk recht om een vrolijke, op haar vrijdagse Lentesneeuw te zien. De rest is FUBAR, Fucked Up But All Right.

 

Can I have another peace of chocolate cake? april 15, 2010

Gearchiveerd onder: the L word — lentesneeuw @ 4:47 pm
Tags: , ,

Aan jullie reacties te zien, heb ik precies toch wel een “hot” piece of cake aangesneden. Laten we er dan ook maar van profiteren en ons daar volledig mee volproppen. Of liever, nee. Let ME shove it up YOUR throats. Mwoeha! Een dik smeuïg stuk Sachertorte met extra slagroom, die langs je mondhoeken naar beneden druipt in je… euhm. Right.

Net toen ik gisteren op de knop “publiceren, die handel” duwde, belt -hallelulja- de heer die momenteel nog mijn grootste voorkeur wegdraagt vanuit de file. “Dag juffrouw Lentesneeuw!”, zegt hij opgewekt. “Dag meneer de business man”, antwoord ik vrolijk. Zijn timing blijkt zo net altijd met de hakken over de sloot te zijn. Zou hij zich daarvan bewust zijn? Ach wat, zijn enthousiasme smoort mijn lichte teleurstelling van daarvoor toch weer in de kiem. Meer nog, ik ben echt wel blij hem te horen. Yep, he still likes me. Aha! Het is dus eerder een door egoïsme gedreven blij gevoel, want zolang ik weet dat hij nog aan me denkt, ben ik blij. En anders niet. Zijn we aldus wel goed bezig, vraag ik me nu net af?

Na een grondige update van zijn dag vraagt hij naar mijn plannen voor de rest van de week (joehoew!). Ik laat ook nu merken dat ik niet zomaar in de zetel lig te wachten tot hij eens tijd heeft en dus moet hij het doen met de gaten die nog overschieten (all you sick minds out there, laat u maar eens goed gaan nu). Maar het komt niet tot een concrete afspraak (ooooooh) en we blijven steken bij “wel ne keer ne pot gaan pakken samen”.

Al moet hij daar wel mee oppassen. Hij zou wel eens naast die pot kunnen grijpen ook…

De vrolijke Lentesneeuw zit ondertussen al enkele dagen te mailen met een andere heer. Eerder het type dat hier gisteren werd bestempeld als “saaie piet”. Het zijn slechts woorden op een scherm, ik weet het, en dat maakt nog niet de man. Hij komt wel eerlijk over, zorgzaam, geïnteresseerd… Dat ik hem internetgewijs heb leren kennen, draagt er wel toe bij dat hij in tweede positie blijft hangen. Maar goed, deze man blijkt wel geen last te hebben van scheidingsprocedures of andere afgevallen hoeken die zorgen voor dat extra beetje meer miserie.

Integendeel zelfs. Deze man wil mij wel heel erg graag ontmoeten en mailt er duchtig op los (lees: geeft mij veel aandacht). Het is moeilijk een vrouw te behagen, besef ik nu. Want te veel is ook niet goed. Zo raakte ik toch wel lichtjes geïrriteerd van zijn boodschap deze morgen “dat ik een steek had laten vallen door niet vlug genoeg te antwoorden op zijn mailtje”. Euh. Ik tokkelde terug dat ik het niet kan hebben dat iemand achter mijn veren zit, dankuwel merci. Hij had het natuurlijk helemaal niet zo bedoeld en wist me toch te overtuigen van zijn realiteitszin. Hij gaf zelfs toe nu een beetje schrik te hebben om me mee uit te vragen (aaaaaah). Hij legt het wel goed aan boord, inspelen op mijn moedergevoel en al, want ik repliceerde dat ik dat eigenlijk wel zag zitten. Tenslotte zou ik dat mailen nooit volgehouden hebben en wil ik nu wel eens weten of hij in in ‘t echt niet wat hipper klinkt (dat laatste heb ik er niet bij vermeld).

Het lastige van de zaak is evenwel een datum vast te pinnen. Ik wil mijn avonden namelijk naar eigen goeddunken plannen en meneer de business man krijgt voorlopig nog het voorrecht om mijn gaten op te vullen (again, all you sick…).

Het belooft dus een spannende race te worden! Zal Business Man deze keer op tijd terugbellen om mijn lieftallig gezelschap mee op café te krijgen? Of zal Saaie Piet hem via een mail te snel af zijn? In het beste geval geven ze allebei een verschillende datum op, hoef ik niemand af te zeggen en krijg ik dubbel zoveel torte. Hihi.

 

Mea culpa? april 13, 2010

Gearchiveerd onder: the L word — lentesneeuw @ 4:14 pm
Tags: , ,

Staat het op mijn voorhoofd geschreven?

“Kom tegen mij anders eens zeggen dat je me tof vindt, ja, zeg zelfs dat  je er zo niet veel meer tegenkomt. Geef me je nummer en laat merken dat  je me nog wil zien. Zeg vervolgens dat je net aan het scheiden bent en wacht op mijn eerste telefoontje. Ik ben dan wel zo vriendelijk dat te doen, wat je misschien niet had verwacht, maar toch… kijk, daar ben ik dan. Wees enthousiast bij dat eerste telefoontje en bel me de volgende dag terug. Zeg dan hoe verward je bent, ineens zo, en laat dan minder en minder van je horen.”

Staat dat erop? I don’t think so.

Maar hoe komt het dan dat ik steeds dezelfde gevallen aantrek? Want inderdaad, een verstandig mens kijkt eerst eens diep in eigen décolleté en tracht de verklaring daar te vinden. Een zelf-analyse komt opgeborreld.

Feit: mijn blog begint werkelijk te lijken op een datingverhalenbundel. Come to think of it… als  ik dat nu eens zou publiceren? Ik zou hier en daar nog wat aan de structuur kunnen veranderen, zoals de dates nummeren en er telkens een “voor” en “na” bij flappen. Maar of lezend Vlaanderen daar nu werkelijk op zit te wachten? Hm.

Ik ontmoet de laatste tijd regelmatig mannen, dat is waar. Ben ik te hard op zoek? Ik betwijfel het, want de laatste gevallen kom ik en passant tegen en dan nog in ‘t echte leven, stel je voor! Haak ik mij te snel vast aan iemand die zijn arm rond mij ploft en zijn interesse voor mijn persoon luidkeels declareert? Alleen als ook ik vind dat die arm en al wat eraan hangt de moeite is. Maar eerlijk, zoiets heet toch “open staan” en al?

Het zijn ook altijd zij die mij aanspreken. Ikzelf stap zelden (want zeg nooit nooit) af op een man die mij op het eerste gezicht aanspreekt. Subtiel oogcontact, dat wel, terwijl ik zo elegant mogelijk mijn mojito door het rietje omhoog slurp. En vriendelijk, dat ook, als ze dan uiteindelijk de weg tot aan mijn tafeltje hebben gevonden. Nu ook niet ik-sta-geheel-ter-uwer-beschikking-vriendelijk, meen ik toch te denken van mezelf.

Het verleidingsspel wordt daarna verdergezet, ook door hen! Een korte aanraking, een humoristische uitspraak gevolgd door achterdochtige ogen die mijn reactie afwachten. Oef, ze heeft de mop begrepen. Dan gauw door naar een korte uiteenzetting over hun job, het pas gerenoveerde appartement, hun hobby’s, het aantal huisdieren (je bent toch ook voor beestjes?) en hun gestrand liefdesleven. Ik hum en aha en lach -again-vriendelijk. Waarna ook ik mijn deel van het verhaal doe. Keurig gedoseerd, that is, en doorspekt van humor en zelfrelativering.

En dan komt het meestal: “Maar gij zijt ne keer een wijzeke! Hier! Mijn telefongnummer!”

En dan sta ik daar. In de beste gevallen vind ik hem ook wel tof. Ik laat me dus verder drijven op zijn woorden en de mijne. Interesses komen overeen, passies worden begrepen. Maar ik wil niet te ver gaan en slaag er tegen het einde van de avond in mijn hormonen in bedwang te houden -cum laude. Het flatteert me dat hij er meer moeite mee heeft. Ik laat hem mijn arm nog eens aanraken, sla mijn ogen neerwaarts en kijk dan weer langzaam omhoog. Ik weet hoe dat overkomt bij de heren, but honestly, mag ik even? Eens ik voel van mezelf dat ook ik mijn trukendoos bovenhaal, dan wil het zeggen dat ik hem oprecht “nen toffen” vind. Een by-the-way’ke dat ik meestal net voor mijn vertrek nog meegeef.

Zulke avonden komen niet zo heel vaak voor. Het moet dus wel toeval zijn dat ik er de laatste maand zo drie heb meegemaakt. Maar is het ook toeval dat de heren in kwestie daarna slabakken?

Feit: Ik bel nooit (echt nooit) als het mij niet wordt gevraagd. Ik sms zelden als eerste, want zo hoort dat toch? Een man moet kunnen jagen en een vrouw zich laten behagen. Correct me if I’m wrong here. Dus ik hou me gedeisd en wacht schijnbaar rustig af. Contacteren zij mij, dan krijgen ze uiteraard wel een enthousiast antwoord terug. Vragen ze me nog eens mee uit, dan heb ik “nog wel een gaatje vrij” in mijn agenda. Tja, hey, ik héb nog een leven daarnaast.

Die dates zijn dan meestal een replica van de eerste avond, vol amusante zever en tegelijk op niveau staande ernst. Iets wat zowaar begint te lijken op een band in embryonale fase. De avond wordt net niet afgesloten met een kus en een hoopvol uitkijken naar een nog nader te bepalen volgende afspraak…

… waar ze dan verder niet meer op ingaan. Of waar ze zich dan toch nog niet al te klaar voor voelen. Of zoiets. Want veel uitleg komt er niet aan te pas.

Werkelijk. Ligt het dan aan mij?

 

 
Follow

Get every new post delivered to your Inbox.